Coronaverhaal: William en Maartje Schellekens van Den Overkant in Riel

Het coronavirus heeft impact op ons allemaal. Horecaondernemers zijn extra geraakt doordat ze in de herfst voor de tweede keer hun bedrijf moesten sluiten. William en Maartje Schellekens van Den Overkant in Riel hebben het bezorgen en zijn van afhaalrestaurant inmiddels goed in de vingers. “We blijven positief. Dat lukt ons dankzij de positieve reacties van onze gasten. Ze raden ons menu aan bij vrienden en kennissen, dat we die gunfactor hebben, geeft ons moed.” Lees het hele interview met deze ondernemers.hieronder.

Wil je jouw ervaring ook delen? Vertel dan jouw eigen verhaal, interview je oma of opa, je vader of moeder, de voorzitter van een sportvereniging, iemand die net een bedrijf of winkel geopend had toen corona ons land binnensloop. Iemand die ouderen helpt of creatieve manieren heeft verzonnen om zijn medewerkers aan de slag te houden. Elke inwoner van Goirle en Riel heeft een verhaal. Schrijf het, deel het. Hoe? Bekijk de oproep.


Horecaondernemers William en Maartje Schellekens van Den Overkant in Riel moesten in maart hun zaak tijdelijk sluiten, op last van de Rijksoverheid die het coronavirus probeerde in te dammen. Ze moesten even van de schok bekomen, maar startten na drie dagen met het bezorgen van eten. “Toen hoopten en verwachtten we nog dat we begin april weer open zouden mogen.” Uiteindelijk werd deze eerste lockdown pas in juni opgeheven.

Ze verdiepten zich in draagtasjes, in verpakkingen om gerechten warm te houden en goed te kunnen vervoeren en kochten een bezorgauto. Het tienjarig bestaan van hun bedrijf in Riel viel in maart, een feestje met vaste gasten zat er dus niet in. Restaurant, zaal, speelzolder en speeltuin Den Overkant zat tot 2010 in het buitengebied van Goirle. Maartje: “Alles hier in Riel was oud, dus we hebben verbouwd, gesloopt, uitgebreid en opgeknapt. Onze ziel en zaligheid zit in dit pand.”   

Ongebruikt

In juni mochten ze weer gasten ontvangen, binnen en op het terras. Maartje: “De eerste week was het relatief rustig, mensen vonden uit eten gaan nog spannend.” Al snel werd het weer druk en draaiden ze prima zomermaanden. De bezorgauto stond ondertussen ongebruikt op de parkeerplaats. Maartje: “We kregen bericht dat ‘ie gekeurd moest worden. Dat hebben we toch maar laten doen, omdat we niet wisten wat er in het najaar met het coronavirus zou gebeuren.” En toen was daar in oktober die tweede verplichte sluiting. 

Niet alles kan

Het bereiden van afhaal- en bezorgmaaltijden pakten ze direct weer op. Maartje: “In het voorjaar begonnen we met een beperkte kaart met een aantal eenvoudige gerechten waarvan we zeker wisten dat we ze goed konden bezorgen. Via Facebook maakten we bekend dat we open waren voor afhaal en bezorging en toen het begon te lopen, hebben we het aantal gerechten uitgebreid.” “Maar niet alles kan,” vult William aan, “een rosé gebakken biefstuk bezorgen, is onmogelijk. In een bakje van foam gaart dit vlees namelijk vrolijk door en dat bakje is wel nodig om het warm te houden.” Toch bezorgen ze, op aandringen van hun gasten, nu biefstuk met de boodschap erbij dat een rood exemplaar niet mogelijk is.

Frustraties

Ook in deze twee lockdown zitten ze dus niet bij de pakken neer. Maar ze hebben wel een aantal frustraties. William: “De Efteling mocht in het begin openblijven en wij moesten dicht terwijl je in ons restaurant ruim uit elkaar kunt zitten.” “Het is op zijn zachtst gezegd teleurstellend dat we dat toen en nu niet mogen”, merkt Maartje op. “Het zou eerlijker zijn als er richtlijnen zouden zijn over hoe je als horeca wel open mag blijven. Ook missen we perspectief; er is nu geen routekaart, geen licht aan de horizon.”

Kinderen thuis

Ook thuis kregen ze te maken met de maatregelen, want de scholen van hun drie kinderen van 9, 12 en 14 jaar oud sloten ook. Maartje: “We wonen in een groene omgeving en het was in maart al prima weer dus ze konden lekker naar buiten. Maar het begeleiden bij het schoolwerk vond ik een uitdaging. Als de jongste schoolwerk moest maken, moesten we ernaast zitten terwijl we zelf ook van alles te doen hadden. Na twee weken vond ik het aardig pittig worden.” “Gelukkig kunnen ze goed met elkaar overweg en wonen er neefjes en nichtjes vlakbij om mee te spelen”, voegt William hieraan toe.

Hoe blijf je onder de aandacht?

Ook op hun medewerkers heeft de sluiting door corona gevolgen. De medewerkers draaien om de beurt de afhaal- en bezorgdienst. “Maar niet voor alle medewerkers hebben we voldoende werk. Dat vind ik erg sneu voor hen, maar ik kan er helaas niets aan doen”, zegt William. “Ik ben bang voor leegloop. Een aantal heeft ander werk gevonden dus als wij straks weer open mogen, moet ik puzzelen met de medewerkers die ik nog heb.” Een vraagstuk dat constant speelt, is hoe ze onder de aandacht kunnen blijven van hun doelgroep. Want met de vaste loonkosten blijft er weinig over voor marketing. Gelukkig zijn ze creatief. William: “De medewerker die op bezorgen staat, heeft altijd flyers mee. Als er niets weggebracht hoeft te worden, stopt hij of zij die flyers in brievenbussen. Hiermee bereiken we met een kleine investering veel mensen.” En bij elke bestelling krijgt men nu een kortingsbon van tien procent. “Die is te besteden in onze zaak zodra we weer open zijn. Wanneer dat is, tja, dat is koffiedik kijken. Die onzekerheid vinden we het allerlastigste.”

Wij doen het voor hen

Omdat ze niet willen dat hun (schoon)ouders ziek worden, houden ze zich bijvoorbeeld tijdens het boodschappen doen aan de maatregelen. “Maar een mondkapje dragen voelt voor mij niet als bescherming”, zegt Maartje. William ziet dat een deel van de ouderen in de kwetsbare leeftijdsgroep zich niet aan de maatregelen houdt. “We wonen vlakbij bossen en zien veel mensen wandelen. Zeker tien tot twintig procent loopt te dicht bij elkaar en draagt geen mondkapje in winkels. Terwijl wij het voor hen doen.” Hij zag van dichtbij welke tragische gevolgen de ziekte kan hebben. “De broer van een goede vriend kreeg corona net na een intensieve chemokuur. Toen hij op sterven lag, heb ik zijn moeder geholpen met hem te videobellen. Mijn vriend en de rest van zijn familie hadden hun broer bezocht en durfden niet bij hun moeder langs. Dat was erg pittig, ze was zo intens verdrietig en hij was zo zwak. Toen was corona ineens heel dichtbij.”

Meer tijd voor hobby

Corona geeft William meer tijd voor een nieuwe hobby: bierbrouwen. “Sinds het najaar van 2019 verkoop ik zelfgebrouwen speciaalbier in D’n Overkant. De eerste golf met lockdown gaf me de tijd om mooiere etiketten te maken en de biertjes meer te promoten. Voor de tv liggen, is niets voor mij, ik ben graag bezig.” Ze missen uit eten gaan en het bezoeken van concerten. “Gewoon er even samen op uit”, merkt William op. Verwachten ze dat als er een vaccin is, het snel weer wordt als voor corona? William: “Ik weet niet of we weer massaal handen gaan schudden en zoenen.” Maartje verwacht dat het nog een tijd gaat duren voordat mensen weer feesten durven te plannen. “Tijdens de eerste golf verplaatsten mensen hun feest een half jaar, maar nu blazen ze het af.” Samen blijven ze voorlopig positief. “Dat komt ook door de leuke reacties die we krijgen op het bezorgen en afhalen. Mensen praten het door, we merken dat we een gunfactor hebben en dat geeft ons moed.”